Voorbeelden van het gebruik van Afreageren in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Op mij afreageren zal niets uitmaken.
Je kan je niet steeds afreageren als iets je niet bevalt.
Stom dat we op elkaar afreageren hoe alles gelopen is.
Ik wilde niet afreageren op jou en Todd.
Maar we moeten onze frustratie niet afreageren op de mensen die nog leven!
Het op iedereen afreageren is niet fair. Armen.
Het op iedereen afreageren is niet fair. Armen.
Als je ooit wilt praten of afreageren… Je bent er. Jack.
Nee, het spijt mij, voor het op jou afreageren.
Er wordt gezegd dat een slachtoffer van gestimuleerd afreageren.
Je mag het op mij afreageren.
Hij moet zich gewoon afreageren.
Dat ging hij afreageren op mij.
Nou moet je het niet op mij afreageren.
Ik wilde mijn gevoelens op iemand afreageren.
Dit is je niet afreageren.
U mag uw frustraties niet afreageren op de kinderen.
Ik wilde het niet op je afreageren.
Dit is waar een genocide komt afreageren en ontspannen.
Woord van de dag: Afreageren.