Voorbeelden van het gebruik van Dag rijden in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Minder dan een dag rijden.
Gedi is ongeveer een dag rijden.
Doorzoek alles, een halve dag rijden.
Het klooster is minstens een dag rijden.
M'n zus is hier maar één dag rijden vandaan.
Het is een halve dag rijden van hier.
Ongeveer een halve dag rijden hiervandaan.
Het wapen is maar een halve dag rijden.
Rusten na weer een lange dag rijden.
Lange dag rijden doorzoeken om dat nummer te vinden.
Op 'n dag rijden van hier.
Dag rijden in de tweede rij!
Bosweg, tijdens een dag rijden met de auto.
Na een dag rijden zie ik dingen bewegen die in werkelijkheid stilstaan.
Het is waarschijnlijk een dag rijden vanaf hier. Het Kingdom.
Het is waarschijnlijk een dag rijden vanaf hier. Het Kingdom.
Het is een dag rijden en ik heb geen paard.
Op 'n dag rijden van hier.
Eén dag rijden van de grote rivier.
Ik moet een dag rijden om daar te geraken.