Voorbeelden van het gebruik van De buurman in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
QolorTech koopt het vastgoed van de buurman.
De buurman zag mij thuiskomen.
De buurman zag een indringer. Hé, man.
Maaide zijn gazon. Kijk aan, de buurman.
Toen kwam de buurman langs.
De buurman staat buiten.
Sorry, hoor. Ik ben Charlie Meadows, de buurman dus.
De buurman, een oud-militair.
De buurman zegt dat zijn vrouw hem vorig jaar verliet.
Het was de buurman.
Of de buurman van Manuel, mijn vriend Hollerbeck.
Pech', zegt de buurman.
De buurman had verder niks gezien.
Mooi', zegt de buurman.
De buurman zegt dit gezien te hebben vanaf de deur.
Dat was de buurman.
De buurman zegt dat hij niks gezien heeft.
Hé, man.- De buurman zag een indringer.
Maar ik ben de buurman van de Giffards.
Hé, man.- De buurman zag een indringer.