Voorbeelden van het gebruik van Een team in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Je bent niet in een team, man.
Ik wil geen deel zijn van een team.
werkzaamheden worden binnen een team uitgevoerd.
Ik was een jonge wetenschapper die werkte met een team van wereldklasse.
vorm eventueel met andere managers een team.
Ik wil geen deel zijn van een team.
Apple heeft betrekking op meer enterprise basen, een team met Accenture.
Ik behoor niet tot een team.
Of je met mensen een team kunt vormen.
Ik ben hier met een technisch team.
Tijdens deze activiteiten werken ze effectief en efficiënt samen in een team.
Nee, Izzy. Ze weten dat we een team zijn.
Beide restaurants hebben zelf een team.
Kara en ik best een goed team maken.
We hebben naar elk van hen een team gestuurd.
Ze zijn een groep en een team.
Tot slot vind je het leuk om zelfstandig en in een klein team te werken.
De opblaasbare Bumperbal kan een team of een individu gebaseerde activiteit zijn.
Hierdoor is een team van professionals ontstaan met een passie voor hygiëne.
Een team van dansexperten stelde zorgvuldig het programma samen.