Voorbeelden van het gebruik van Ene dag in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Die ene dag dat ik eerder thuiskom.
De ene dag beter dan de andere.
De ene dag was ze erg teruggetrokken.
De ene dag beter dan de andere, maar goed.
Net die ene dag dat ik smeerkaas op mijn bagel doe!
Die ene dag sinds onze laatste ontmoeting.
Die ene dag dat ik mijn kogelvrij vest niet draag!
De ene dag ben je hier
De ene dag is je leven normaal en dan… Bam!
De ene dag wel en de andere dag niet.
Op de ene dag zal je het begrijpen en waarderen;
Zo is Lena, de ene dag alles wit, de andere alles zwart.
Misschien omdat het die ene dag dat alles verandert.
Die ene dag dat ik niet naar kantoor ging.
Het ene de ene dag en het andere daarna.
Het ene de ene dag en het andere daarna.
De ene dag krijg ik meer dan de andere.
Het ene de ene dag en het andere daarna.
De ene dag zetten we slechteriken vast, toch?
De ene dag ben je trots op me.