Voorbeelden van het gebruik van Fijne dag in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Fijne dag voor een run.
Wat een fijne dag, hé?
Heeft u een fijne dag gehad, moeder?
Nog een fijne dag, Tahani!
Fijne dag gehad op het strand?
Nog een fijne dag, Mr. en Mrs. Stephens.
Een fijne dag gewenst en graag tot ziens!
Haar een fijne dag bezorgen.
Fijne dag, is het niet?
Bedankt voor een fijne dag, meneer Vlinder.
Heb een fijne dag aan zee.
Fijne dag, burgers.
Nog een fijne dag, Mrs G.
Nog een fijne dag in'Old Town'.
Heb nu allemaal een fijne dag.
Fijne dag, hè?
Nog een fijne dag… agent Frisbee.
Nog een fijne dag, Jay.
Een fijne dag.
Heb een fijne dag, Kate.