Voorbeelden van het gebruik van Geef door in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Degene die me overwint. Ik geef het door aan.
Neem er een en geef hem door.
Benjamin, zei de Heer, Geef dit door.
Hoofdverkenningsgroep, geef dienst door.
Ik geef het door aan SG-4.
Ik geef het door.- Doe jij dat.
Die informatie geef ik door.
In feite, ik geef het door, nigger!
Ik geef het door.
Geef haar door heb ik je gezegd.
Ja, ik geef het door, als ik hem zie.
Ik geef 't door.
Ja, geef haar door, ik wil met haar praten.
Geef deze door.
Goed, geef het door.
Ik geef haar door.
Ik geef het door.
Geef dit door aan IF0R.
Geef door, Roberta.
Geef door aan die andere imbecielen.