Voorbeelden van het gebruik van Gracht in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Lucas van der Gracht, gedoopt 14 maart 1710.
Ik werkte in een gracht, om land te draineren voor de landbouw.
Die huiden worden vervolgens in de gracht gewassen.
Groot appartement met uitzicht op de gracht en parkeerplaats.
Kay! Hou jij de ridders tegen in de gracht.
Gerrit Jansz van der Gracht, begraven 25 maart 1700.
Ik werkte in een gracht, om land te draineren voor de landbouw.
huiselijk ingericht en kijken uit op de gracht.
Appartement met uitzicht op de gracht in het centrum.
Hadden we maar een gracht en ophaalbrug.
Cunira van der Gracht, overleden 27 juli 1691.
Geniet van de stad vanaf de gracht.
Geen water meer in de gracht.
M2 met 2 grote ramen naar de gracht.
Het heeft vast een gracht en een valbrug.
Susanna van der Gracht, gedoopt 17 juli 1698.
In de zomer fietsend langs de gracht.
Ik kwam vast te zitten in een gracht.
Plaza de Espana wordt omringd door een gracht.
Gooi 'm over de gracht.