Voorbeelden van het gebruik van Ik deel in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik deel het huis in tweeën.
Ik deel wel met jou.
Ik deel ze eens per week uit.
Nee. Ik deel een appartement met andere meisjes.
Ik deel wat ik weet met iedereen die het maar wil horen.".
Ik deel en schud.
Ik deel er eentje.
Juist. En ik deel ze uit.
Bob.- Bedankt. Ik deel een kantoor met John.
Ik deel ons geheim.
Een ander aspect zijn de soortencomités van de EEP's, waar ik deel van uitmaak.
Ik deel het.
B'Elanna, ik deel je wetenschappelijke nieuwsgierigheid.
Daar had ik deel aan.
Ik deel hem met jou, 50/50.
Ik deel een toilet met jou!
In 1965, nam ik deel aan die ruil.
Ik deel het wel met je.
En ik deel jullie angst!
Het was een plan waar ik deel van uitmaak.
