KNOKKEN - vertaling in Engels

fight
vechten
strijd
ruzie
bestrijding
bestrijden
een gevecht
vechtpartij
knokken
te vechten
brawling
vechtpartij
ruzie
gevecht
knokpartij
kroeggevecht
knokken
struggle
strijd
worsteling
worstelen
gevecht
moeite
moeilijk
vechtpartij
kampen
worstel
problemen
fisticuffs
bokspartij
vuisten
knokpartijtje
vuistgevecht
vechtpartij
knokken
fighting
vechten
strijd
ruzie
bestrijding
bestrijden
een gevecht
vechtpartij
knokken
te vechten
brawl
vechtpartij
ruzie
gevecht
knokpartij
kroeggevecht
knokken
fights
vechten
strijd
ruzie
bestrijding
bestrijden
een gevecht
vechtpartij
knokken
te vechten
struggling
strijd
worsteling
worstelen
gevecht
moeite
moeilijk
vechtpartij
kampen
worstel
problemen
scuffle
handgemeen
gevecht
vechtpartij
worsteling
ruzie
knokpartij
schermutseling
opstootje
knokken
rough-housing

Voorbeelden van het gebruik van Knokken in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Ecclesiastic category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Computer category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Programming category close
Twee kerels die knokken om een griet.
Two guys fighting over a girl.
Misschien knokken we vandaag niet.
Maybe we don't brawl today.
Het was elke dag knokken.
A fight every day?
Knokken in een kroeg telt niet echt.
I don't think bar fights really count.
Beste vrienden. Knokken en high fiven met dinosaurussen.
Best friends! Fighting and potentially high-fiving dinosaurs.
Zwangere Sims kunnen niet langer knokken.
Pregnant Sims can no longer“Brawl.”.
We zijn echt aan het knokken hier.
We're really struggling here.
Maar je moet voor jezelf knokken.
But you have to fight for yourself.
Opium dealen, knokken voor de Tong.
Dealing opium, fighting for the tong.
Huiselijk geweld, knokken in 'n bar.
Domestic abuse, bar fights.
Zodat hij weer kan knokken?
So you could break up another brawl?
Want die kerel was aan het knokken, dwaas en platzak.
Cause that guy was struggling, foolish, and broke.
Je moet knokken.
You have to fight.
Ik wil niet blijven knokken om te overleven.
I don't want to just keep struggling to stay alive.
Een gedeelte van me wil gaan knokken.
Part of me would like to go out fighting.
Geen tv, iedere avond knokken.
No TV, fights every night.
Zodat hij weer kan knokken?
So you can break up another brawl?
Dat alleen al is 't knokken waard.
That alone is worth a fight.
Niet knokken.
No fighting.
Dat alleen al is 't knokken waard.
That alone is worth the fight.
Uitslagen: 415, Tijd: 0.0506

Top woordenboek queries

Nederlands - Engels