Voorbeelden van het gebruik van Landbouwer in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Deze Ierse landbouwer uit de county van Waterford verklaart zijn keuze.
Beroep: landbouwer.
Van de bevolking is landbouwer en 4,7% houdt zich bezig met de veeteelt.
De landbouwer is het dragen van een houten doos met verse groenten.
Beroep: landbouwer.
Deze Ierse landbouwer uit de county van Waterford verklaart zijn keuze.
De eilander landbouwer oefende zelden alleen het beroep van boer uit.
Notitie: zoon van Roeland Jakobsz Steur, landbouwer, en Tona Hogerland.
Elke afzonderlijke landbouwer profiteert bijgevolg in zeer uiteenlopende mate van de huidige regeling.
Landbouwer zoekt vrouw met trekker.
Beroep: landbouwer.
De landbouwer links, dat is Lupe, Guadalupe.
Beroep: landbouwer.
De mensen in het dorp waren veelal landbouwer.
Noord? Een landbouwer op een tractor.
Notitie: zoon van Johannes Corbijn, landbouwer, en Maria Jongepier.
Feron werd geboren als zoon van een landbouwer.
De landbouwer bekijkt Oranje fruitboomlandbouwbedrijf in de oranje tuin.
Beroep: landbouwer.
Bij de niet-gesubsidieerde verzekeringen neemt de landbouwer rechtstreeks contact op met de vertegenwoordiger van de verzekeringsmaatschappij.