Voorbeelden van het gebruik van Nonchalant in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
We kijken even, maar wel nonchalant.
Kijk nonchalant over je rechterschouder.
En hij was zo nonchalant.
Maar je bent nonchalant.
Echt. Ben je overal zo nonchalant over?
Kijk nonchalant over je linkerschouder.
Ik ben nonchalant.
Ze zijn corrupt, lui en nonchalant.
We mogen niet nonchalant zijn.
Raak hem nonchalant aan. Ga door.
En ik ben niet nonchalant.
Je kan geen seconde nonchalant zijn.
Eerst was ik te nonchalant en nu te oplettend?
Elegante blazer in een lang model, die nonchalant open wordt gedragen.
De meeste bedrijven zijn een beetje nonchalant met hun leads.
Maar het personeel daar is nonchalant en onbekwaam.
Die jij net zo nonchalant afwees.
Mijn zus is zo nonchalant.
En hij was zo nonchalant.
Tel ze heel nonchalant.