Voorbeelden van het gebruik van Willen bellen in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik had best een sleepwagen willen bellen.
Zou je 'm nu willen bellen?
Zou je alsjeblieft terug willen bellen?
Als je zou willen bellen.
Jake Als je zou willen bellen Jake?
Ik stuur je haar nummer door, mocht je haar willen bellen.
Jake Als je zou willen bellen Jake?
Je zult je familie wel willen bellen.
Zakelijk? James? Hij dacht dat je zou willen bellen.
Ik zou willen bellen.
En als ze me willen bellen?
Als jij of Diana mij willen bellen over Michael of wat dan ook ik woon hier al heel lang, je weet mij te vinden.
En ik… Als jullie me ooit willen bellen… om even gedag te zeggen, dan zou dat cool zijn.
Ik zou ze willen bellen, maar ik weet niet wat ik moet zeggen.
En als ik stervende zou zijn, zou ik jou willen bellen, Nee. Maar… je bent hier al.
Ik dacht, vanwege haar medische geschiedenis dat hij haar zou willen bellen.
Ik had je nog willen bellen, maar.
Ik wilde ruimte vrijmaken in zijn mailbox mocht iemand anders hem willen bellen.
Mocht u onze klantenservice willen bellen is het telefoonnummer: +31(0)544 392233.
Ik had je al eerder willen bellen om uit te leggen waarom ik zo lang wegbleef.