Voorbeelden van het gebruik van Hem arresteren in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
U wilt dat we hem arresteren.
Zodra die jongen thuiskomt, kunnen we hem arresteren.
Als hij u bedreigt, kan ik hem arresteren.
Weet je… zelfs als jullie hem arresteren.
We moeten hem arresteren.
Ik laat hem arresteren.
En hij wordt gepakt door twee politieagenten… die hem arresteren omdat hij z'n vrouw bedroog.
U moet hem arresteren.
Jake, je moet hem arresteren.
Denk je dat ze hem arresteren?
Zullen King's advocaten zich rot lachen als we hem arresteren.
Michael deed het, je moet hem arresteren.
Maar ik moest hem arresteren.
Maar we moeten hem arresteren.
En op basis van dat' gevoel' wil je hem arresteren?
Wil je dat we hem arresteren.
ga hem arresteren.
dan moet je hem arresteren.
Maar de politie zal hem vinden en hem arresteren.
de Farizeeën vallen Jezus aan en willen hem arresteren.

