Voorbeelden van het gebruik van Oor in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
iets uitlopend, oor rechts.
Ik ben een en al oor.
uitlopende vorm, oor rechts.
Ik ben een en al oor.
gouden rand, oor links.
Je oor is aan het bloeden.
Slecht oor.
uitlopende vorm, oor rechts.
Ook oor, neus en keel.
ik ben een en al oor.
uitlopende vorm, oor rechts.
Oor, longontsteking, hoesten, buikgriep.
Maar zoogdieren halen een truc uit.” Ik ben een en al oor.
vatvorm, oor rechts, ronde drager.
M'n oor doet zeer.
uitlopende vorm, oor rechts.
Ik ben één en al oor.
Z'n oor!
uitlopende vorm, oor rechts.
Ik was een en al oor.