Voorbeelden van het gebruik van Wandelen in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Ik zal wat meer met 'm gaan wandelen.
De streek rond Oeuf leent zich uitstekend voor wandelen.
Golf, water en watersporten, wandelen langs de kust, etc.
We wandelen voor we rennen.
En we wandelen allemaal vooraan, met onze staart aan het zwaaien.
En niet dansend wandelen.
Daar is een beek. Irrigatie. En we wandelen al.
Soms wandelen we volgens het vlees terwijl we met de Geest wandelen.
Zonder metaal, veiligheid voor baby wandelen.
Na generatie 20 kan het eindelijk in een rechte lijn wandelen zonder om te vallen.
Hier is hij dan door het gras aan het wandelen.
Ik ben gaan wandelen. Mag dat niet?
Het hotel is 5 minuten wandelen van Museum voor Schone Kunsten.
U kunt er heerlijk wandelen en de natuur ontdekken.
Daarna wandelen we door een mooie kurkeikboomgaard.
Je kunt er vissen, wandelen en genieten van de prachtige natuur.
Ik was gaan wandelen," zei de egel.
Ski Touring heeft parallellen met wandelen, backpacken, en alpinisme.
Winter wandelen en gewoon wandelen met sneeuwschoenen is populair in Seefeld.
Winter wandelingen en sneeuwschoen wandelen zijn heel geliefd in Seefeld.