Voorbeelden van het gebruik van Dat noemen in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Dat noemen we Satan's tepel.
Dat noemen ze bluffen.
Dat noemen ze Afwijkend.
Dat noemen we ‘Life is On'.
Dat noemen we de weduwemaker.
Dat noemen we het gebied parfumeren.
Dat noemen we Crazy Ivan.
Dat noemen wij'motief'.
Dat noemen we kleinschalige witwasserij.
Dat noemen ze stalken.
Lijkt erop dat zoals we dat noemen Een"recidivist".
Dat noemen wij, volwassenen, een konijn.
En dat noemen ze Beef Wellington?
Dat noemen wij »Lifetime Efficiency«.
Dat noemen we dan beschaafd.
Dat noemen ze"double dicking".
Dat noemen we dan de spiritualisering van het denken.
Dat noemen wij een Place 2.5.
Dat noemen wij in onze industrie een joekel.
Weet je hoe ze dat noemen, maat?
