Voorbeelden van het gebruik van Mijn kind in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Zij is mijn dochter, mijn kind.
Maar jij, mijn kind, zult zwerven
Mijn kind kent me niet eens.
Ik weet het niet. Mijn kind moet geopereerd worden. Want.
Veel beter dan ik zou zijn, als mijn kind weg was met die maniak.
Waarom dreigt u met mijn kind?
Ik kan niet geloven hoe snel mijn kind groeit.
Mijn kind, de held!
Mijn kind is nooit drie meter van het zijne.
Laat me alleen met mijn kind alsjeblief.
Hij is ervandoor met mijn vrouw, mijn kind en onze tentoonstelling.
Waarom leef jij nog en is mijn kind dood?
Nu we het daarover hebben, ik moet naar mijn kind.
Het betekent dat niemand anders voor jou leeft, mijn kind.
Wie ben jij om te denken mij te zeggen wie mijn kind was?
Ze is de moeder van mijn kind.
Robert is volwassen maar nog altijd mijn kind.
Hij is mijn kind.
dus het was niet mijn kind.
Dit is mijn kind.