Voorbeelden van het gebruik van Was netjes in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Het huis was netjes, comfortabel en voelde als'thuis'.
Haar appartement was netjes en de kamer was een goede grootte.
Het huis was netjes, functioneel en zeer ruim.
Check-in was zeer soepel en de chalet was netjes een schoon.
De kamer was netjes!
De kamer was netjes en modern… Meer.
Ja, het was netjes.
Maria was netjes. Er moet iets zijn. .
Het appartement was netjes en schoon toen we aankwamen.
Appartement was netjes en schoon.
Dat was netjes geschoten, Mr. Moore.
De kamer was netjes… Meer.
Alles was netjes en schoon.
Dat was netjes.
Alles was netjes en schoon.
Alles was netjes en schoon.
De kamer was netjes.
Voordelen: De kamer was netjes en simpel.
De slager was netjes.