CONFIARON - vertaling in Nederlands

vertrouwden
confiaban
se basaron
dependían
confianza
zij vertrouwden
confían
se basan
jullie vertrouwden
familiarizados

Voorbeelden van het gebruik van Confiaron in het Spaans en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
Confiaron en usted.
Quienes confiaron en nosotros, nos apoyaron y creyeron en nosotros!
Ze vertrouwden ons, ze steunden ons, ze geloofden in ons!
Porque confiaron en lo que esa torpe computadora les dijo.
Omdat ze geloofden wat dat armetierige computer hen vertelde.
En su lugar confiaron en un no experto que dio descripciones positivas.
In plaats daarvan vertrouwden ze op een niet-expert die positieve beschrijvingen gaf.
Confiaron en Satanás en lugar de confiar en Dios.
Ze vertrouwen op satan in plaats van op God.
Confiaron en nosotros- Mar-Masz.
Ze vertrouwden ons- Mar-Masz.
No confiaron en Jehová Dios.
Zij stelden geen vertrouwen in Jehovah God.
Mis hijos confiaron en ti.¿Qué diablos debo decirles?
Ze vertrouwden jou, wat moet ik ze vertellen?
Por desgracia, los israelitas no siempre confiaron en Jehová y en sus recordatorios.
Jammer genoeg stelde Israël niet altijd vertrouwen in Jehovah's vermaningen.
Hablamos mucho y confiaron en mi sin dudarlo.
We praten veel en vertrouwde mij zonder aarzeling.
Me confiaron la mascota del equipo de hockey canadiense.
De Canadese hockey teams mascotte werd mij toevertrouwd.
Y estoy muy agradecido, porque confiaron en mi, dándome sus hijos.
Ik ben erg dankbaar dat u mij uw kinderen hebt toevertrouwd.
Tus padres me confiaron.
Je ouders toevertrouwd me.
Muchas mentiras fueron dichas por aquellos líderes espirituales en quienes ustedes una vez confiaron.
Vele leugens worden verteld door die geestelijke leiders die je ooit kon vertrouwen.
Porque no creyeron en Dios ni confiaron en su auxilio.
Omdat zij in God niet geloofden, en op Zijn heil niet vertrouwden.
No sé por qué confiaron en mí contigo, porque soy un perdedor.
Ik weet niet waarom ze jou aan mij hebben toevertrouwd.
Durante siglos, que se remonta al menos hasta 600 aC, los fenicios confiaron en este aceite para la curación,
Eeuwenlang, daterend uit minstens 600 voor Christus, vertrouwden de Feniciërs op deze olie voor genezing
Entonces El preguntará:'¿Dónde están sus dioses la roca en la cual confiaron?
Dan zal de Here vragen: “Waar zijn hun goden, de rotsen waarop zij vertrouwden?
no pretendieron poseer una justicia propia, sino que confiaron completamente en la justicia de Cristo.
zij beweerden niet over eigen gerechtigheid te beschikken, maar vertrouwden volkomen op de gerechtigheid van Christus.
sus principios religiosos estaban en juego, y confiaron en Dios, a quien amaban y servían.
hun religieuze principes in het gedrang waren en zij vertrouwden op God van wie ze hielden en die ze dienden.
Uitslagen: 256, Tijd: 0.0871

Top woordenboek queries

Spaans - Nederlands