MUERDEN - vertaling in Nederlands

bijten
morder
mordedura
mordisco
picar
picaduras
gebeten word
gebeten bent
picaduras son
mordieron su
mordeduras son
mordiscos son
kauwen
masticar
grajilla
morder
masco
come
cau
jackdaw
calamón
bijt
morder
mordedura
mordisco
picar
picaduras
bijtende
morder
mordedura
mordisco
picar
picaduras
beet
morder
mordedura
mordisco
picar
picaduras
bijters
mordedor
mordía
bíter

Voorbeelden van het gebruik van Muerden in het Spaans en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
Yo no muerden.
Ik bijt je niet.
Muerden todo, como niños con chocolates.
Bijtend op alles, zoals dikke kinderen van Twix houden.
Solo muerden para retener a un sospechoso-
Ze bijten alleen een verdachte
Dios las creó, y te muerden el trasero.
God maakte dit alles, en ik zal je bijten in je achterwerk.
Principalmente, porque muerden, claro, pero también por lo bien que se organizan para atacar.
Voornamelijk omdat ze bijten maar ook omdat ze goed georganiseerd aanvallen.
Estas cosas no muerden, se quieren divertir.
Deze dingen zullen je niet bijten Ze willen gewoon plezier hebben.
No muerden. Ten.
Nee, ze bijten niet.
Te muerden los labios, pero el resto de ti está a salvo.
Ze bijten op je lippen, maar de rest van je lichaam is veilig.
¿Sabes que muerden?
Ze kunnen je bijten,?
¿Es de las que muerden?
Is ze een bijter?
Son arañas nocturnas y no muerden a menos que se les provoque.
Het zijn nachtdieren spinnen en zal niet bijten, tenzij uitgelokt.
La primera regla es que si me muerden, les arrancaré los dientes.
De eerste regel: als je me bijt, trek ik je tanden eruit.
Muerden en vez de besar, y abofetean en vez de acariciar.
Ze bijten in plaats van kussen… en ze slaan, in plaats van strelen.
¿Pero a cuántos muerden?
Hoeveel bijten ze alleen maar?
Vamos, que no muerden.
Toe dan. Ik zal niet bijten.
Si lo muerden a uno es porque lo creen una foca gorda.
Als ze je bijten, is dat omdat ze je aanzien voor 'n mollig zeehondje.
Ellos pelean y muerden y pelean.
They fight and bite and fight.
¿Ellos pelean y muerden?
They fight and bite?
pero a veces muerden.
maar soms bijten ze.
por miedo, pero muerden.
door angst, maar ze bijten.
Uitslagen: 418, Tijd: 0.0629

Top woordenboek queries

Spaans - Nederlands