Examples of using Laatsten in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Ecclesiastic
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Mihail en ik waren de laatsten.
De laatsten worden makkelijk slachtoffer van de eersten.
Deze twee vrouwtjes zijn de laatsten van hun soort.
De laatsten vermoorden altijd veel meer mensen dan de eersten.
We zouden de laatsten zijn.
De laatsten zijn ingericht met elk drie 4-persoonsstapelbedden.
De eersten zullen de laatsten zijn, de laatsten de eersten.
Die eersten zijn oké, die laatsten niet.
We zijn de laatsten.
Jullie zijn de laatsten.
We zijn de laatsten.
Ik ben het met de laatsten eens.
Glória. We zijn de laatsten.
Om half negen liepen de laatsten weer naar buiten.
Ja, met die twee zijn het de laatsten.
Ouders zijn meestal de laatsten die het weten.
HKliving HKliving Kussen met varens zwart/wit, de laatsten.
In vroege variëteiten van aardappelkiemen verschijnen een paar dagen eerder dan de laatsten.
Wij hebben niet van zoo iets in den laatsten godsdienst gehoord.
De laatsten zitten vast in de silo.