Examples of using Oom in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Oom, broers, iedereen was dood.
Oom Irwin, Mike.
Je bent een makkie voor Oom.
Een oom van me is gestorven.
Oom Lorenzo.
Zo'n oom hebben we allemaal.
Oom Joe? Lawrence?
Mijn oom en tante.
Ideaal voor gezinnen met opa en oma/ oom/ vrienden.
En ze heeft geen tante en oom.
Ik ben Jake zijn oom, Charlie.
Ik denk dat we allemaal zo'n oom hebben.
Ja, oom David.
Zoals logeren of een dode oom.
Jeff, ik ben de oom van Georgina.
We zijn hier om Jasons oom te begraven.
Michael?- Uw oom Mitch.
Daar heb je een oom voor.
Oom Bert. Oom Bert?
Ooms.- Ik ook, oom.