EMPIRER - vertaling in Nederlands

verergeren
aggraver
exacerber
empirer
aggravation
accentuer
verslechteren
se détériorer
aggraver
se dégrader
empirer
une dégradation
erger
très
vraiment
beaucoup
grave
extrêmement
bien
mal
mauvais
terrible
tellement
nog erger
encore très
encore bien
toujours très
encore trop
pourtant très
encore hautement
maar erger
mais très
mais extrêmement
mais vraiment
werd steeds erger
erger worden
verergerend
aggraver
exacerber
empirer
aggravation
accentuer
slechter worden
sont mal
alleen maar erger worden

Voorbeelden van het gebruik van Empirer in het Frans en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
Et ça ne peut pas empirer.
Het kan niet erger.
Ça ne fait qu'empirer. Le seul qui m'importe, c'est Hugh Sloan.
Het wordt steeds erger… en ik geef alleen om Hugh Sloan.
ça ne fait qu'empirer.
het over zou gaan, maar het wordt steeds erger.
Je pense que nous pouvons affirmer que les choses vont empirer.
Ik denk dat we gerust kunnen zeggen dat het er… erg aan toe zal gaan.
Comment ça pourrait empirer?
Hoeveel erger kan het worden?
Tout va empirer, quoi qu'il en soit.
Alles zal erger worden, maakt niet uit wat.
Désolé si ça a fait empirer.
Mijn excuses, als ik het erger heb gemaakt.
Les choses peuvent toujours empirer, Veronica.
De dingen kunnen altijd erger worden, Veronica.
Tu ne fais qu'empirer les choses pour toi.
Je maakt de dingen enkel erger voor jezelf.
Comment ça pourrait empirer?
Hoe kan het nog erger worden?
Cette journée ne pouvait pas empirer.
Deze dag kan niet erger worden.
Et quand il semble que les choses ne peuvent qu'empirer, elles s'aggravent.
En als het erop lijkt dingen niet erger kan, krijgen ze erger.
Tu ferais qu'empirer les choses.
Je zou het alleen maar erger maken.
Ça va empirer.
Het zal erger worden.
Ça n'a fait qu'empirer.
Het maakte het alleen erger.
ça peut empirer.
het kan erger worden.
Je ne veux pas empirer les choses.
Ik wil het niet erger maken.
Ça va juste empirer.
Het zal alleen maar erger worden.
Je pouvais empirer les choses.
Ik kon het nog erger maken.
Votre aphasie va empirer.
Uw afasie zal erger worden.
Uitslagen: 201, Tijd: 0.1876

Top woordenboek queries

Frans - Nederlands