Voorbeelden van het gebruik van Bangerik in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Klaagneus en Bangerik.
Wie heeft ons verder geholpen, Poseidon of ik?- Bangerik.
Help. Wie is nu de bangerik?
Wees niet zo'n bangerik.
Hij is een bangerik.
Helden leven misschien niet lang… maar een bangerik leeft nooit.
Ik dacht niet dat je een bangerik was.
Goed, want ik heb er niets aan om te vliegen met een bangerik.
Ik zie mezelf niet als een bangerik of als een heel strategisch denker.
je bent gewoon een bangerik.
Kom op, bangerik.
Niet gedacht dat je een bangerik was.
Hij is een bangerik.
Wees geen bangerik.
Waarom ben je zo'n bangerik?
Luister, jij Zuid-Koreaanse bangerik.
En een bangerik.
Ik ben een bangerik.
Ben je een kerel of een bangerik?
Ik geen bangerik.