Voorbeelden van het gebruik van Dat konden in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ze namen aan dat wij dat konden.
Dat konden ze eerst nooit.
Dat konden we duidelijk horen.
Dat konden ze eerder niet.
Dat konden we niet laten gebeuren.
Dat konden de Griekse goden niet eens.
Dat konden we niet verstaan.
Zodat wij dat konden.
Maar dat konden jullie nooit bewijzen.
Dat konden ze niet weten.
Dat konden we niet toelaten, toch?
Dat konden zij niet weten.
Dat konden we niet overleven.
Dat konden we niet weg doen.
Dat konden we terugvoeren naar een camping hier in Limburg.
Dat konden wij al lang niet meer doen.
Hij speelde niet en dat konden we niet geloven.
Dat konden we pas vaststellen
Dat konden we nu pas vaststellen.
Dat konden mijn ouders ook.