Voorbeelden van het gebruik van Dit besproken in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
We hebben dit besproken.
Rie en jij hebben dit besproken?
We hebben dit besproken. We hebben beloofd
We hebben dit besproken en geoefend.
Voordat we dit besproken hebben.
We hebben dit besproken. Cole?
We hebben dit besproken.
We hebben dit besproken.
We hebben dit besproken.
Nee, jij hebt dit besproken.
We hebben dit besproken.
We hebben dit besproken.
We hebben dit besproken.
Je vader en ik hebben dit besproken.
Gaby, we hebben dit besproken.
Blake, we hebben dit besproken.
Je vader en ik hebben dit besproken.
Hoe vaak hebben we dit besproken?
Daar moet dit besproken worden, want dit is een thema dat niet alleen de landbouw betreft maar veel verder gaat.
We hebben dit besproken en dit is het belangrijkste probleem