Voorbeelden van het gebruik van Dit persoonlijk in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik wil dat hij weet dat dit persoonlijk is.
Ik vrees dat u dit persoonlijk opvat.
maar ik wilde dit persoonlijk doen!
Vroeg hij je dit persoonlijk?
Ik vond dat dit persoonlijk moest.
Ik wilde dit persoonlijk doen.
We bespreken dit persoonlijk.
Voorzitter Kang zei me dat ik u dit persoonlijk moest geven.
dan wordt dit persoonlijk.
Hij bedoelt dit persoonlijk en ik wil zeggen
zie ik dit persoonlijk als een consolidatie van de twee-staten oplossing voor het onrecht.
Ik hoef je niet te zeggen dat dit persoonlijk is en ik wil
Wat betreft de weigering van de kant van de Raad om verder te onderhandelen, moet ik zeggen dat ik dit persoonlijk onverantwoordelijk vind.
Maar ik ben blij je te zien want ik kan je dit persoonlijk afgeven.
ik erachter zou komen dat dit persoonlijk was… en je van deze zaak af zou halen.
energie betreur ik dit persoonlijk.
je niet erkent dat dit persoonlijk was?
Ik veronderstel dat dit persoonlijke krachtveld alleen in één richting werkt.
Maar dit persoonlijke bezoek betekent vast dat je ja zegt?
Maar dit persoonlijke drama… levert wel een ouderwetse faillissementsuitverkoop op.