Voorbeelden van het gebruik van Emotie in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Als een emotie die in- en uitgeschakeld kan worden.
Een vibrator die er origineel uitziet en met gemengde emotie werd ontvangen.
Ik voel niks. Dat is emotie.
Maar je lichaam moet er emotie doorheen bewegen.
Emotie is onze zwakte.
Het is geen emotie van: ik voel nu racisme.
Jij weet heel goed wat je moet doen met emotie.
Er is geen emotie.
En geen greintje emotie.
Emotie, Davis, is de vijand van succes.
Er is emotie in de ruimte.
Ik ben niet in staat tot echte emotie.
Een tijd, een plaats, een emotie.
Hij heeft informatie nodig, niet emotie.
Het is een emotie.
Vraag me dat niet iedere keer als ik emotie toon.
Ik wil wat dieper ingaan op de emotie van de dag zelf.
Onderdruk alle menselijke emotie en medeleven.
Hij toonde geen emotie.
Je leerde mij altijd dat emotie wint.