Voorbeelden van het gebruik van Haar jas in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ze doet haar jas aan. Ouders? Ongelooflijk.
Haar jas is van beverbont. Wat?
Ze heeft haar jas niet te ver van je land laten vallen.
Ze houdt haar jas bij zich.
Haar jas is van bever. Wat?
Een meisje dat haar jas hier liet hangen.
Libby is haar jas vergeten.
Haar jas en haar laarzen zijn weg.
Ze vouwde haar jas daar?
Aimee, kun je me helpen haar jas aan te doen?
Haar jas is vochtig.
Haar jas netjes opgevouwen… haar schoenen daar.
Ze kwam terug binnen, nam haar jas en vertrok.
Vast klein, want haar jas zit strak.
Alison heeft haar jas zelfs al aan.
Ze liet haar jas en handtas thuis.
Dan hangt haar jas in de kast.
Zal ik vast haar jas pakken?
Sarah Clancy. Je draagt haar jas.
Ze deed haar jas open en liet me zien wat ze daar verstopt had.