Voorbeelden van het gebruik van Hem lenen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
hij het goed vindt dat we hem lenen?
Ik moet hem lenen.
Ze hebben je maat en je kunt hem lenen.
Daar. Ik wil hem lenen.
Hij wilde hem lenen.
We kunnen 't hem lenen.
Ik moet hem lenen.
Die is van Audrey… maar ik kan hem lenen.
We moeten hem lenen.
mag je hem lenen.
Mag ik 'm lenen? Wegwezen!
We hebben hem geleend, van Kazim.
Mag ik 'm lenen?- Van mij.
Ik heb hem geleend. Fernando?
ik heb hem geleend.
Ik heb hem geleend.
Ik heb hem geleend.
Ik heb hem geleend.
Ik heb hem geleend.
We hebben hem geleend.