Voorbeelden van het gebruik van Hem schoon in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Maak hem schoon.
Dan blaast het zand hem schoon.
Jij rijdt deze auto en jij maakt hem schoon.
Ik maak hem schoon.
Ik hou hem schoon.
Vind jij hem schoon?
ik probeerde hem schoon te maken, toen dat niet lukte heb ik hem weggegooid.
Hij moet er elke dag olie opgieten en hem schoon houden, zodat hij altijd helder brandt.
die stofstorm over de Rover trekt blaast die hem schoon.
Tegen het hoofdeinde! Ik spuugde hem, schoon en lief,!
Maak 'm schoon.
Dus maak 'm schoon!
Maak 'm schoon voor de mieren hem wegslepen!
Pak hem en maak 'm schoon.
Je krijgt 'm schoon terug, met duizend excuses.
Was hem en doe hem schone kleren aan.
Maak hem schoon.
Ik maak hem schoon.
Ik veeg hem schoon.
Cass, maak hem schoon.