Voorbeelden van het gebruik van Je bezit in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Elle is je bezit niet.
Jij had een Sig Sauer in je bezit.
Je bezit half Georgia, maar mij niet.
Je bezit wel krachten.
Je bezit een baseball team!
Dit heb je in je bezit.
Je bezit nog steeds een groot deel van dit bedrijf.
Je bezit een rijke verbeelding, knulletje.
Je bezit veel wijsheid voor een soldaat.
Ik ben je bezit niet.
Dus je bezit lucht.
Je bezit meer kracht dan je denkt.
Je bezit geen Football, jij egomaan.
Sylvia.- Ik ben je bezit niet.
Dus je bezit lucht?
Maar… Je bezit een intelligentie die ik benijd.
Je bezit een wapen.
Sylvia.- Ik ben je bezit niet.
Dus je bezit een satelliet?