Voorbeelden van het gebruik van Je ma in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik kan je ma niet bereiken.
Moeten we je ma niet bellen?
Je ma en ik zijn ouwe vrienden.
Waarom zou ik dit doen om je ma gelukkig te maken?
Van je ma of van je pa?
Ik heb je ma het kaartje gegeven.
Ik ben je ma niet. Ma. .
Weet je nog dat je ma naar Romemoest komen om te blablabla.
Dan zal je ma zich afvragen waar ik ben.
Het spijt ons dat je ma een hoer is.
Je ma belde over Thanksgiving.
We hebben je ma d'r geld niet meer nodig.
Wil je je ma zien slapen
Ik maak je ma af met m'n lul.
Hij. Je ma heeft een vent.
Ik en je ma, dat zat niet goed.
Je ma zegt dat je niet meer naar school gaat?
En je ma kennende is hij dat misschien wel.
Ik mocht je ma niet verteld hebben