Voorbeelden van het gebruik van Kraakt in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
De veranda kraakt.
Nog een keer. Het kraakt.
Ik kon niet slapen en wilde Sally niet wakker maken, hoewel jouw deur enorm kraakt.
Tenzij je weet hoe je een kluis kraakt.
M'n elleboog kraakt niet meer!
We zijn niet allemaal nodig om zo'n gek te zoeken… die parkeermeters kraakt.
Ik weet dat al het hout kraakt.
Bedankt. Herinnert iemand zich hoe je een elektronisch cijferslot kraakt?
De vloer kraakt.
Herinnert iemand zich hoe je een elektronisch cijferslot kraakt? Bedankt?
Ik wou Sally niet wakker maken, maar de vloer kraakt.
Boven weet vast iemand hoe je een kluis kraakt.
Het tikt en kraakt en ademt.
Die kraakt noten met haar dijen.
de vloer niet kraakt.
Een oud huis kraakt.
Het kraakt hier.
Trap kraakt.
Maar Carl Norden is diegene die de code echt kraakt.
Nu wil ik dat je al je tenen kraakt.