Voorbeelden van het gebruik van Ook doden in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ze willen jou ook doden.
We moeten haar ook doden.
Moet ik jou ook doden?
Dan moet ik jou ook doden.
Wil je hen ook doden?
Hij ging jou ook doden.
Ik wilde hen ook doden.
Mannen kunnen ook doden.
En zou je hem ook doden, als ik het je zeg?
Wil je mij soms ook doden, Elijah?
Jij zou mij ook doden, om jouw familie te beschermen.
Ik kan je ook doden en haar zelf vinden.
Moeten we jou ook doden. Als we hem doden. .
Gaat hij jou waarschijnlijk ook doden.
Samaritan zal jou ook doden.
Dan zouden ze ons ook doden.
Jij wilt ze ook doden.
Gauche zal jou ook doden.
Gauche zaI jou ook doden.
Wil je mij ook doden?