Voorbeelden van het gebruik van Schaamte in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Deel de schaamte diep iets op uit je verleden.
Trauma, schaamte, de angst om niet geloofd te worden.
Ik dacht dat ze wel meer schaamte zou hebben.
Ik heb geen schaamte of spijt.
Zal ik je de schaamte besparen?
Een beetje schaamte doet niemand kwaad.
De schaamte is nog niet voorbij!
De angst, de schaamte, het was allemaal terug.
Om de schaamte te verbergen dat uw zaak geseponeerd wordt?
Ik stel dat met schaamte vast!
Jij, bijvoorbeeld… Kent geen schaamte.
Het eindigt met pijn en schaamte.
En ze behandelden de Maxwell familie als een schaamte.
Geen schaamte, geen afval, geen rommel,
Heb ik schaamte gezegd?
Twee. Er is geen schaamte in het overleven en strijden!
Noch zwartheid noch schaamte zal hun aangezicht bedekken.
Tante Polly werd vuurrood van schaamte, fronste hare wenkbrauwen en schudde haar hoofd tegen Tom.
De meeste mensen hebben 'm generaties geleden al veranderd uit schaamte.
Een leven zonder schaamte.