Voorbeelden van het gebruik van Sybil in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Het netwerk-nieuwsuur, met Sybil de Waarzegster!
Ze willen Sybil.
Ik noemde haar Sybil.
Zorg dat je geen Sybil wordt.
Het netwerk-nieuwsuur, met Sybil de Waarzegster!
Het nieuwsuur van de zender, met Sybil de Waarzegster.
Afkorting voor"Sybil.
Het is de flat van Sybil.
En wat Sybil betreft, denken ze een nieuwe Maud Gonne
Sedert Sybil stierf, ben ik ben vergeten hoe het is om met iemand te zijn die de dingen voelt zoals ik.
Misschien had Sybil me niet naar die hond gestuurd, als ik aardig was geweest'.
Sybil heeft dienst.
Sybil niet weet.
Goedemorgen, Miss Sybil.
Goedemorgen, Dame Sybil.
Sybil moest naar Ripon.
Echt waar, Sybil.
Ik vind dat Sybil.
En trouwens, Sybil.
Sybil, kijk eens!