Voorbeelden van het gebruik van Wedden in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Wedden jullie nou om baby basketball?
Het zal wel. Wedden dat dat ding niet werkt, stomme manslet!
Iedere Thanksgiving gingen m'n bekrompen neven wedden dat ze het niet zou redden tot de Kerst.
Wedden jullie Spanjolen nog steeds op de Yankees?
We wedden om 20 dollar.
Kurt mag hier niet wedden.
Wedden dat ze gaan neuken? Ja?
Wedden is wedden, Bob.
De heren van Yale wedden 100 dollar.
ze altijd laat wedden en zwaar wedden.
Wedden dat niemand wat gehoord heeft?
Misschien moet ik wel op jou paard wedden.
Waarom wedden jullie?
Wedden is wedden.
Om hoeveel wil je wedden? Dus…?
Hanna, ga voor mij wedden.
Je ontdekt ze door te kijken hoe ze wedden.
Wedden jullie op de competitie?
Lk wil wedden dat elke kwantummechanicus… z'n leven zou geven voor deze kans.
Je moet altijd wedden op zwart.