ZEUREN - vertaling in Duits

jammern
klagen
zeuren
jammeren
gezeur
huilen
janken
gejammer
kreunen
zeur
nerven
lef
irriteren
lastigvallen
lastig vallen
zeuren
lastig
vervelend zijn
vervelen
zenuwen
zijn irritant
meckern
klagen
zeuren
mopperen
zeiken
nörgeln
zeuren
klagen
gezeur
Gejammer
gezeur
zeuren
klagen
geklaag
gemekker
beschweren
klagen
klacht
verzwaren
zeuren
te beklagen
nervst
lef
irriteren
lastigvallen
lastig vallen
zeuren
lastig
vervelend zijn
vervelen
zenuwen
zijn irritant
jammert
klagen
zeuren
jammeren
gezeur
huilen
janken
gejammer
kreunen
zeur
herumzicken
auf Rumzuweinen
Jammerei

Voorbeelden van het gebruik van Zeuren in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Ecclesiastic category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Computer category close
  • Official/political category close
  • Programming category close
Ze moet dus ook niet zeuren als we het verkopen. Zij maakte zich uit de voeten.
Da sie abgehauen ist, darf sie nicht meckern, wenn wir es verkaufen.
Ik wil niet zeuren, maar we zijn net weer langs een RB gekomen.
Ich will nicht nerven, aber da war ne Sandwichbude.
Ik wil niet zeuren, maar er bestaat nog zoiets als eten.
Ich will mich ja nicht beschweren, aber normalerweise isst man auch zu Abend.
Als ik ze naar Braila laat gaan, stoppen ze dan met plannen en zeuren?
Und wenn ich sie nach Brăila gehen lasse, hören Gejammer und Ränkespiele auf?
Dus stop met zeuren.
hör auf rumzuweinen und danke Gott dafür.
We moeten ophouden met zeuren en met elkaar de schuld geven.
Hören wir auf mit der Jammerei und den Schuldzuweisungen.
Ik wil niet zeuren, maar.
Ich will ja nicht nerven, aber.
Zeuren, zeuren.
Nörgeln, nörgeln.
Ze komen meestal samen, drinken… en zeuren over alles.
Er und Ron betreiben eine Farmergenossenschaft. Sie treffen sich meistens zum Trinken und meckern über Dinge.
Omdat we wisten dat je daarover zou gaan zeuren.
Weil wir wussten, dass Sie jammern würden.
Ik wil niet zeuren.
Ich will mich ja nicht beschweren.
Niet meer zeuren.
Kein Gejammer mehr.
Zeuren doffe pijn in de onderbuik;
Gezeter dumpfen Schmerz im Unterbauch;
Ik wil niet zeuren.
Ich will dich ja nicht nerven.
Ik wil helemaal niet zeuren.
Ich will nicht nörgeln.
Zit stil.- Niet zeuren.
Nicht meckern. Halt still.
Altijd weer klagen en zeuren.
Immer wieder beschweren und jammern.
Hij volgt instructies op zonder veel zeuren.
Er befolgt Anweisungen ohne großes Gejammer.
Je mag straks zeuren.
Du darfst später nörgeln.
Ik wil niet zeuren. Bedankt.
Danke. Ich will nicht nerven.
Uitslagen: 205, Tijd: 0.0751

Top woordenboek queries

Nederlands - Duits