Voorbeelden van het gebruik van Zeuren in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Na twee dagen zeuren durf je niet meer?
Niet zeuren als ik er maar 300 voor krijg.
Ik wil niet zeuren, maar het was een man.
Excuses en zeuren niet gehoorzamen, worden niet in aanmerking genomen.
Ik wil beslist niet zeuren maar ik vind het wel belangrijk.
Niet zeuren: pak de kinderwagen en ga aan de slag.
De Russen zeuren nog steeds om je hoofd.
Lekker gratis dus niet zeuren. patatje smaakte prima.
Het klinkt als zeuren op een hoog niveau voor mij….
Stop met zeuren en vecht met je vader.
Stop met zeuren en maak hem open.
Ik wil niet zeuren, maar ik zie dat sommigen hem erop schuiven.
Ik wil niet zeuren, maar waar is de tijd gebleven?
Waarom zou ik zeuren over de maffe kasten wereld?
Ik wil niet zeuren… maar je jongens.
Dus moet je nu niet zeuren.
Waarom moet ze nu zo zeuren?
Met plezier en zonder zeuren.
Fijn, nu zal hij weken zeuren om dat ritje.
De meisjes zeuren altijd.