Voorbeelden van het gebruik van Bad cop in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Jij bent vast de'bad cop.
Ben ik dan de bad cop?
Wil je good cop/bad cop spelen?
Je weet wel, good cop, bad cop?
Waarom kun je niet de bad cop zijn?
Wat? Ga je de bad cop uithangen?
We moeten werken aan onze good cop/ bad cop.
Hij is de good cop, jij de bad cop.
Moet ik nou de"bad cop" spelen?
Dit good cop/bad cop dansje doet me niets.
Ik dacht dat ik'bad cop' zou zijn.
Ik dacht dat ik'bad cop' zou zijn.
Ik wil niet alleen de"bad cop" zijn.
Ik heb een good cop/bad cop situatie voor ons.
Gaan we'good cop/bad cop' spelen?
Bad cop"? Bent u er klaar voor, mevrouw?
En'good cop bad cop' werkt.
Ik zal'bad cop' zijn.
Ik weet wanneer iemand"good cop, bad cop" speelt.
Waarom speel jij'bad cop terwijl zij volledig met ons meewerkt?