Voorbeelden van het gebruik van Beamen in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Beamen naar de lijn, nog drie minuten.
En dat kan ik nu echt beamen.
Nee, dat zal ik helemaal niet beamen.
De SS zal dat beamen.
Zoals iedereen die met Roy is wezen eten kan beamen.
Iedereen die Deens kent, zal dat beamen.
Beamen naar de lijn, nog drie minuten.
Ze zal beamen dat ze mij nooit bedrogen heeft.
Huidige gebruikers van Xcelerate beamen dit.
Dat moet ik helaas beamen.
En heb je iemand die kan beamen waar je later was?
Marlies van Dongen beamen de woorden van de docent.
Iedereen die met Roy uit eten is geweest, kan dat beamen.
Nee, dat kan ik niet beamen.
Dat kan Von Minckwitz beamen.
Beamen kan binnenkort overal.
Diegenen die vorige maal aanwezig waren, kunnen het beamen.
Weet je iets over Willy Beamen?
Dat zal Jamie beamen.
Dat moet ik beamen.