Voorbeelden van het gebruik van Een boot in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Niet meer op een boot springen, hè?
Hier zitten we op een boot voor een knotsgek weekend vol plezier.
We moeten een boot hebben.
Zijn we geaard, op een boot?
Wilt u in uw volgende boot-vakantie een boot van Centurion charteren?
Nu begrijp ik waarom een boot vrouwelijk is….
Wil jij Lucille op een boot naar Antwerpen zetten? Patrick?
Een gestolen boot.
Liften van gasbuizen of slangen voor aansluiting op een boot.
Draag altijd een helm tijdens het varen op een boot, zeilen of kanoën.
Als een boot andere boten tegenkomt op internationale wateren.
Hier zitten we op een boot voor een knotsgek weekend vol plezier.
Ik kom in een kleine boot naar jouw land.
Morgen?-We gaan op een boot. Hoe?
Ze?- Een boot is altijd een zij.
Omdat Damon een boot had.
Cullyston Burn. Het is een boot op de rivier.
Morgen?-We gaan op een boot. Hoe?
Een boot is altijd een zij. Ze?
Ik woonde in een boot op het kanaal.