Voorbeelden van het gebruik van Gaat naar in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Je gaat naar binnen.
Je gaat naar de gevangenis.
Lucy gaat naar haar oma.
De Engel-tablet gaat naar ons.
Iemand gaat naar Korea.
Billy gaat naar Dublin Castle voor invoervergunningen.
Home Gaat naar de bovenkant van een inhoudslijst.
Doe cool. Jij gaat naar de keuken, ok?
Je gaat naar buiten op dit moment?
O, hij gaat naar het Werkhuis, mevrouw.
Jij gaat naar de gevangenis.
Één van hen gaat naar de keuken, opent de fles.
Iemand gaat naar Korea. Beter.
Billy gaat naar Dublin Castle voor invoervergunningen.
De opbrengst gaat naar de Greater Chicago Food Depository.
Pijl Omlaag Gaat naar het volgende veld.
Jij gaat naar buiten.
Jij gaat naar Parijs en redt de dag.
Ze gaat naar de Via Roma.
Je gaat naar een fijne plek.
