Voorbeelden van het gebruik van Gewoon gemeen in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Het was gewoon gemeen.
Nu ben ik gewoon gemeen.
Jullie zijn gemene jongens die gewoon gemeen doen!
Dat is gewoon gemeen.
Dat was gewoon gemeen.
Wat? Nu doe je gewoon gemeen.
Nu ben je gewoon gemeen.
Kijk, nu ben je gewoon gemeen.
Oh, nu ben je gewoon gemeen.
Wat? Nu doe je gewoon gemeen.
Nu doe je gewoon gemeen.
Nu doe je gewoon gemeen.
Wat? Nu doe je gewoon gemeen.
Nu ben je gewoon gemeen.
Nu ben je gewoon gemeen.
Sorry. Nu ben ik gewoon gemeen.
Ze is gewoon gemeen.
Nu ben ik gewoon gemeen.
Was ze niet gewoon gemeen?
Ze doet gewoon gemeen.