Voorbeelden van het gebruik van Gewoon gemeen in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Dat is gewoon gemeen.
Nu ben je gewoon gemeen.
En kleinzielig. Dat is gewoon gemeen en.
Nu ben je gewoon gemeen.
Het is gewoon gemeen.
Dat is gewoon gemeen.
Dat is gewoon gemeen.
Ze is gewoon gemeen.
Dat is gewoon gemeen.
Tenzij ze gewoon gemeen is.
Eerst dacht ik dat ik gewoon gemeen was.
Want je weet hoeveel ik geniet van de ellende van anderen. Eerst dacht ik dat ik gewoon gemeen was.
hij wel oké was maar hij is gewoon gemeen.
Dat is gewoon gemeen.
Het wordt gewoon gemeen nu.
Dat is gewoon gemeen.
Ik vind het gewoon gemeen.
Nu ben je gewoon gemeen.
Saaie oude mensen." Oz is gewoon gemeen.
maar ik was gewoon gemeen.