Voorbeelden van het gebruik van Haar hond in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Haar hond?- Ollie,
Haar hond wel.
Dat was haar hond.
Crystal en haar hond.-Wie?
Ooit zien Gertie en haar hond hoe goed je bent.
Haar hond. Popper, kom terug.
Crystal en haar hond.-Wie?
Volgens Matt Mitcham kwam ze niet thuis, maar haar hond wel.
Ollie, haar Duitse herder. Haar hond?
En deze mooie lange haar hond is een leuk huisdier hond, juist?
Haar hond heet Pilou,
Heeft haar hond dit al vaker gehad?
Haar hond heet Izon, vreemd.
Haar hond heet Scout.
Haar hond is doodgeschoten.
Haar hond heet Romeo.
Hoe ze voor haar hond zorgde. Voor mij was het meer.
Een vrouw die haar hond uitliet hoorde schoten.
Haar hond heet Izon, vreemd?
Haar hond heet Izon, vreemd.