Voorbeelden van het gebruik van Het gewerkt in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Heeft het gewerkt?
Heeft het gewerkt?
Munt! Heeft het gewerkt, Janzo? Munt!
Munt. Heeft het gewerkt, Janzo? Munt!
Het heeft gewerkt. Geef me die blaffer!
Heeft het gewerkt? Hebben we genoeg gedaan?
Heeft het gewerkt? Hebben we genoeg gedaan?
En heeft het gewerkt?
Heeft het gewerkt maat?
Heeft het gewerkt? Wat?
Heeft het gewerkt?
Het heeft gewerkt.- Heel goed.
T ziet eruit dat het gewerkt heeft. Wel, Doc.
Heeft het gewerkt? Het is nog niet voorbij.
Heeft het gewerkt? Ja, ik denk van wel.
Heeft het gewerkt?
Heeft het gewerkt?
Dus het was jouw idee. Heeft het gewerkt?
U hebt aan het front gewerkt.
Hoe weet ik dat het gewerkt heeft?