Voorbeelden van het gebruik van Iets kopen in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Laten we gewoon iets kopen.
Ik ging ook net iets kopen.
Ik ga iets kopen.
Ik moet iets kopen.
Wij kunnen klant helpen iets kopen als klantenbehoefte.
Ik zal wel iets kopen als ik er ben.
Je móet iets kopen, zeiden ze.
Ik wilde iets kopen wat ik zelf ook leuk zou vinden.
Dan maar snel iets kopen in de camping shop en iets ineen steken.
Wil je iets kopen om jezelf te versieren?
Iets kopen.
Wilt U iets kopen dat U in uw seksleven kan assisteren?
Niemand zou iets kopen van Mexicanen.
Hoe kunnen we iets kopen zonder geld?
Wilt u iets kopen?
Ik wil iets kopen voor een hoertje.
Wil niemand iets kopen?
Hoe kunnen we nou iets kopen zonder geld?
Gaan jullie iets kopen?
Hij gaat iets kopen.